De Gaard,
Omringd door bomen, hekken en door muren
Vindt men de verborgen schoonheid en serene rust
Men raakt niet uitgekeken, in geen dagen in geen uren
Daarbinnen word men door het thuisgevoel gekust
Voor jong en oud een weldaad om te mogen verblijven
Door de dieren, vogels en de bloemen welkom geheten
In het aartsparadijsje waar ik deze worden mag schrijven
Zittend, bij het huisje, niet in schoonheid en tijd te meten
Kijk ik schuin weg en zie ik woorden die ik niet verwacht
‘Dag vogels, dag bloemen’, ‘Sapperdeflap!’ geniet een kind
Als zij de volgende woorden horen ‘dag kinderen slaap zacht’
Dan komt het kind in de grote mensen, men verzint
Om lekker te gaan tubben in het bad, gestookt door vuur
Drijvend en kijkend naar de heldere sterrenhemel, zo puur
Denkt men genietend terug aan de afgelopen dag uur na uur
Over ‘de Gaard’ onvervalst, liefdevol, menselijk en puur natuur
Cees de Baare